De veelbesproken VRT-bevraging De Foto van Vlaanderen dateert nog van voor de zomer, maar ik krijg er nog steeds koude rillingen van. Weinig verrassend grepen opiniemakers en politici aan (extreem)rechtse zijde dit cijfer aan om groepen te viseren als ‘grote schuldige’ op basis van religie of afkomst.
Moet ik nog wijzen op de ironie? Net zij schermen vaak het luidst met ‘traditionele gezinswaarden’ en een hiërarchische man-vrouwverhouding.
In discussies kwam de manosfeer naar voren als dé grote boosdoener. Daar valt veel voor te zeggen.
Het bekendste gezicht van die online ruimte, Andrew Tate, kwam deze zomer in het nieuws toen hij in Miami werd gearresteerd. Zijn broer en hij worden in het Verenigd Koninkrijk beschuldigd van verkrachting en van het faciliteren van seksuele uitbuiting, al blijven ze dat met klem ontkennen. Intussen staat hun jonge mannelijke achterban klaar om hun idool te verdedigen.
De echokamers vermijden is voor tienerjongens een quasi onmogelijke opdracht.
De manosfeer vormt ontegensprekelijk een giftige omgeving en draagt bij aan de snelle verspreiding van schadelijke denkbeelden. Toch blijft dit een te eenzijdige verklaring voor problematische attitudes.
De manosfeer vormt niet de oorsprong van vrouwenhaat. Je kan het beter bekijken als een vergrootglas – of een lelijke, confronterende spiegel die zichtbaar maakt wat al langer onderhuids ettert.
Elke ogenschijnlijk onschuldige zoektocht van tienerjongens naar fitnessvideo’s, gamingcontent of zelfhulpfilmpjes eindigt vroeg of laat in een wereld waarin mannelijke dominantie normaal lijkt, vrouwen als manipulatief en minderwaardig worden neergezet, en empathie als zwakte geldt. Deze echokamers vermijden is een quasi onmogelijke opdracht.
De manosfeer speelt bovendien handig in op onzekerheid. Ze voedt het gevoel dat mannen iets verliezen, in een samenleving waarin de economische druk groot is en jongens moeite ondervinden om twijfel, angst of eenzaamheid uit te drukken.
Kleinere hoekjes
Wekenlang schoof ik de documentaire Inside the Manosphere van Louis Theroux voor me uit. Ik moest me opladen voor de onderdompeling in een wereld waarin succes voortdurend wordt herleid tot rijkdom, spiermassa, dominantie en seksuele toegang.
Vrouwen dienen enkel als ‘levende wasmachines’ en seksobjecten. Het is verleidelijk om deze mannen weg te zetten als op geldbeluste egocentrische zakken. Maar wie langer keek, zag onder de oppervlakkigheid diepgewortelde normen: de man als kostwinner, de vrouw als onderdanig en gehoorzaam, zorg als minderwaardig en vrouwelijke seksualiteit als iets ‘controleerbaars’.
Dit zijn voorspelbare rolpatronen in een flashy influencerjasje. Niks nieuws dus, eerder terug van nooit weggeweest. Juist daarom erger ik me aan de toon van het debat. Het is veel eenvoudiger om vrouwenhaat te beschouwen als een geïsoleerd probleem van één religie, één gemeenschap of één online platform. Zo schuiven we de verantwoordelijkheid van onszelf weg.
Schokkerende uitspraken en filmpjes verbergen een dieperliggend probleem. Dat schuilt in kleinere hoekjes, in dagelijkse reflexen die we normaal lijken te vinden.
Vrouwen nemen nog steeds het merendeel van de (onbetaalde) zorg op, met financiële afhankelijkheid als gevolg. Meisjes leren voorzichtig en beleefd te zijn, terwijl jongens sterk en stoer hun tranen moeten verbijten.
Tienerjongens behoeden voor stereotype clichés is allesbehalve vanzelfsprekend in een maatschappij waarin status voor mannen nog steeds samenhangt met geld, spieren en productiviteit. Zeker wanneer zorgzaamheid en kwetsbaarheid weinig ruimte en waardering krijgen. Vingerwijzen is makkelijk, maar toxische ideeën houden stand zolang we weigeren om in de spiegel te kijken die ze ons voorhouden.
De manosfeer zegt slechts luidop wat al overal rond ons aanwezig is.

